Toets "Enter" om naar de inhoud te gaan

Omdat De Bomen Het Zeggen

Afbeelding van Lantech

– Dit verhaal kan als schokkend ervaren worden –

Met extra bijdrage van mijn tante.

Namen zijn gefingeerd

Omdat De Bomen Het Zeggen

 

Het is weer zo’n dag al velen. Wakker worden, wachten, gepest worden, school, gepest worden, lunch, gepest worden, terug naar school, nog meer gepest en dan ’s middags eindelijk vrij. Even geen pesterijen, geen klappen en geen trappen. ’s Middags moeten de meeste huiswerk maken en dan kan ik naar het bos achter de woongroep. Er loopt een klein treinspoor door het bos. Dit is voor model treintjes. Naja treintjes, de club was er een keer in een weekend dat ik er ook was, en dat zijn nog beste treinen, waarmee ze over die sporen reden. Ik hang daar ook graag rond. Vaak zit ik bovenop een van de zeecontainers die erbij staan en beleef ik geniale fantasie avonturen. Daarbij, vanaf de containers kun je redelijk goed zien of er mensen aankomen over het pad.

Op eens hoor ik mijn naam door het bos geroepen worden. Ik kijk in de richting van onze woongroep en zie dat Laura eraan komt lopen. Ze is 18 en zit bij mij op de groep. Zou het al etenstijd zijn? Soms werd ik geroepen als het eten klaar was, maar vaker was het gewoon mijn eigen verantwoording en miste ik nog weleens een maaltijd. Ik kijk op mijn horloge, maar het is nog geen etenstijd. Wat zou ze dan willen? Ik besluit bovenop de zeecontainer te blijven zitten, mocht ze me willen pesten dan moet ze eerst naar boven klimmen. Maar ze kwam niet om me te pesten. Ze hield een sigaret in de lucht en vroeg of ik hem met haar wilde roken. Ik rookte destijds ja, of nou ja, ik nam trekjes en blies de rook meteen weer uit. Ik was daarmee begonnen omdat me beloofd was dat ze me niet meer zouden pesten. Lekker naïef, maar goed dat is een ander verhaal.

Ik spring van de zeecontainer af en loop naar Laura toe. Ze steekt haar sigaret op, neemt een paar trekjes en geeft hem dan aan mij. Zo gaat het over en weer tot de sigaret op is. Ze vraagt of ik een stukje met haar door het bos wil lopen. Ach, waarom niet en loop achter haar aan. Op eens blijft ze bij een boom staan en legt haar oor er tegen aan. Ik praat nog steeds voluit over mijn slechte dag op school. Laura legt haar wijsvinger op haar mond, oftewel hou je smoel. Na een tijdje stilte meldt ze dat de boom tegen haar praat. Ze praat ook terug tegen de boom. Ik volg het gesprek niet echt. Ergens vind ik het vreemd dat ze met bomen kan praten. Dat doen bomen namelijk nooit met mij. Het gesprek tussen Laura en de boom duurt even, maar uiteindelijk is het gesprek afgerond. Laura vertelt me dat de bomen willen dat we weglopen. Ik vind het goed, ik ben toch liever ergens anders dan hier. Daarbij, bomen zijn veel ouder, die zullen het toch wel weten?

We lopen via het bos naar de weg. Over het terrein gaat lastig, daar wordt veel te veel op je gelet. We lopen langs de weg naar het station van Hollandsche Rading. Voor iedere auto die langs komt rijden duiken we snel het bos in. In iedere auto kan natuurlijk een begeleider of andere medewerker van het internaat zitten. Bij het station komen we ons eerste probleem tegen. We hebben geen geld. Dat is natuurlijk geen probleem. Zwart reizen deed ik wel vaker in die tijd. Ik kwam meestal weg zonder boete en met het geld voor het treinkaartje kon ik dan op Hoog Catharijne wat lekkers halen. De trein van Hilversum naar Utrecht komt aan en we stappen in. We lopen direct door naar het toilet en sluiten ons daar op. De trein begint te rijden en we bedenken waar we eruit kunnen. Laura wil naar Utrecht, daar kan ze bij vrienden wiet halen.

We rijden nog maar net als er op de deur gebonkt wordt. Het is de conducteur. Dat gebeurde wel vaker, maar ik had een standaard smoes. “Ik ben poepen, mijn moeder zit in de volgende wagon!” Meestal werkte dat wel, maar deze conducteur geloofde het niet. Hij had ons schijnbaar samen in zien stappen op Hollandsche Rading. We krijgen de optie om in Utrecht Overvecht uit te stappen, zonder bekeuring. Dat komt goed uit, want Laura moet daar toch wezen. We stappen uit in Utrecht Overvecht en Laura neemt me mee het station af. Bij de telefooncel op het station maakt ze een collect call naar een vriendin van haar. Na een paar korte zinnen hangt ze weer op. Ze weet waar we heen moeten. Ik loop achter haar aan door de straten van Utrecht. Na een tijdje lopen komen we bij een groot oud gebouw. Een kraakpand vertelt Laura. We gaan naar binnen, daar staat de vriendin van Laura al op ons te wachten.

Achter de vriendin van Laura aan lopen we naar een van de lege kantoren. Daar woont ze schijnbaar. Ik krijg een sigaret van Laura. Zij rookt samen met haar vriendin een joint. Wat ik toen trouwens niet wist, voor mij was het een groot sjekkie. Het duurt allemaal erg lang. De vriendinnen kletsen met elkaar over van alles, maar ik begrijp het meeste toch niet. Ik begin inmiddels ook aardig honger te krijgen en het begint buiten donker te worden. Laura zegt dat ik nog even geduld moet hebben en dat we daarna verder gaan. Ik heb geen zin meer om te wachten en loop naar buiten. Even later komt Laura ook. “Waar wil jij heen dan?”, vraagt ze. Ik wil naar mijn opa en oma. Die wonen in Mijdrecht en ik weet wel hoe ik daar kan komen. Die reis had ik wel vaker gemaakt met de trein en de bus. We moeten eerst naar Utrecht Centraal, vanaf daar kan ik een bus nemen.

We lopen weer terug naar het station Utrecht Overvecht en stappen de trein naar Utrecht Centraal in. Weer zwart natuurlijk. Deze keer worden we niet gecontroleerd en een paar minuten later staan we op Hoog Catharijne. Het is al laat geworden en we hebben nog steeds niets gegeten. Laura vraagt of ik niet wat geld kan regelen dan kan zij eten scoren. Met mijn kinderkoppie krijg ik het voor elkaar om geld bij elkaar te sprokkelen “voor de trein”. We lopen naar een uitgang van Hoog Catharijne. Er liggen allemaal mensen in die hal. Laura trekt me tegen haar aan. “Je moet uitkijken voor die mensen. Dat zijn junks en die zetten zo een spuit in je arm”, zegt ze tegen me. Ik vind het maar een enge plek en wil alleen maar meer naar mijn opa en oma. We regelen wat eten van het geld dat ik geschooierd heb. Daarna brengt Laura me naar de bus. Met de bus kan ik naar mijn opa en oma.

Het duurt even voor de bus er is. Ondertussen is het al echt laat geworden. Het is donker en de meeste mensen zijn van straat verdwenen. De bus komt eindelijk voor rijden, maar ik heb nog steeds geen geld en zwart rijden met de bus kan niet. Ik geef de buschauffeur een oplossing maar die vindt het geen goed idee en zet me de bus uit. Met Laura loop ik maar weer terug naar Hoog Catharijne. Dan maar kijken of ik naar Zwolle kan, waar mijn pa en ma wonen. Alleen het is al zo laat dat de trein naar Zwolle niet meer rijdt. Laura stelt voor om naar de vriendin in Overvecht terug te gaan, maar daar heb ik geen zin in. Er is nog maar een optie over…

Dat Thias het niet altijd even goed naar zijn zin had in Hollandse Rading is een understatement en een conclusie die u zelf waarschijnlijk al heeft getrokken na het lezen van alle voorgaande verhalen hierover. Zo ook op een doodgewone doordeweekse dag.
Maar Thias zou Thias niet zijn, hij had een plan, samen met een vriendinnetje zou hij weg lopen. Geld hadden ze hier niet echt voor, maar ach dat was geen punt. Met de trein kan je heel goed zwart reizen. Zo gezegd zo gedaan!

Thias ging samen met zijn vriendinnetje in loop van de middag met de trein naar Utrecht. Het moet in de winter zijn geweest en dus al vroeg donker. Gelukkig is Hoog Catharijne overdekt, droog en warm. Thias wist wel waar hij heen wilde, naar opa en oma. Nou was hij hier vaker naar toe geweest en hij wist welke bus hij daarvoor moest hebben. Er was echter één probleem, zonder betaling kom je de bus niet in. Dus legde Thias netjes uit aan de chauffeur dat hij naar zijn oma wilde en dat die wel betaalde als de chauffeur dan even bij de halte zou wachten kwam hij het geld brengen, slim toch?! De chauffeur was echter niet slim, hij zette Thias buiten en reed weg!!! Welke kl…zak laat een minderjarig kind in het donker alleen buiten staan zonder de autoriteiten te waarschuwen…???!!!

Ondertussen was er vanuit Hollandse Rading alarm geslagen en werd als eerste opa en oma gebeld. Oma was thuis en hoorde alles aan. Zij wist meteen dat Thias onderweg naar haar was en kon derhalve niet op zoek naar hem, want ja er moest iemand thuis zijn als hij zou aankomen. Opa zat in het buitenland en zo doende werd mijn man en ik gebeld, of wij alsjeblieft wilde gaan zoeken naar Thias, ergens in Utrecht. Men was er inmiddels achter dat de trein naar Utrecht was gelukt en de bus was geweigerd! Maar was ie nou gebleven???

En zo gingen mijn man ik naar Utrecht. Eerst maar Hoog Catharijne door zoeken. Wat was ik blij dat mijn man bijna twee meter lang was en redelijk aan de breedtemaat, want wat een griezels daar ’s avonds, bbbrrr. Niks gevonden, dan maar de stad door gaan. Mobieltjes had je toen nog niet en dus regelmatig bij een telefooncel gebeld met oma, “is Thias er al?” Nee, nog steeds niet! Om moedeloos van te worden, want wat is zo’n stad groot en er zijn zoveel straten waar je kan zoeken. En toen, bijna middennacht, kwam het verlossende bericht, hij was weer terecht!! De slimmerik had toch de trein naar Hollandse Rading terug genomen.
Dan ben je blij en boos tegelijkertijd dat moge duidelijk zijn, maar vooral dankbaar dat Thias toch heelhuids terecht was!Tante van Thias

Er zit niets anders op dan terug te gaan naar Hollandsche Rading. Die trein rijdt gelukkig nog wel en we stappen snel in. Na een kwartiertje staan we op het station. Ik ben moe van de hele dag lopen en heb geen zin om dat hele eind naar het internaat nog te lopen. Dus loop ik naar de telefooncel en maak een collect call naar onze woongroep. Op de plek waar je normaal je eigen naam in spreekt, spreek ik een heel bericht. “Wezijnweerophetstationkomonshalen”, is de boodschap. Het gesprek wordt geweigerd, met een beetje geluk hebben ze de boodschap gehoord. En jawel, een paar minuten later komen mijn pa en ma aan rijden in de auto van een vriend van hun. Het is wel even een verbazing als ik mijn ma zie, maar die geeft me alleen een knuffel en zegt dat ze blij is dat ik weer terecht ben.

Terug op het internaat krijg ik een hele preek van de begeleiding. Dat ik niet zomaar alles moet geloven en niet zomaar met iedereen mee moet gaan. Laura krijgt de wind nog harder van voren. Niet alleen van de begeleiding, maar ook van mijn moeder. We drinken nog een kop thee, waarna mijn pa en ma weer terug naar Zwolle gaan. Ik mag de aankomende dagen niet naar buiten ’s middags. Maar er is kans op een grotere straf, alleen dat is een verhaal voor een volgende keer.

Eén reactie

  1. […] gaan we met het internaat naar Malgrat De Mar in Spanje, maar of ik mee mag is nog even de vraag. Na het weglopen met Laura, wat een paar weken voor de vakantie gebeurde, stond dat namelijk op losse schroeven. Mijn vader, […]

Reacties zijn gesloten

%d bloggers liken dit: